Afscheid van de steunmuren

Afscheid van de steunmuren

with Geen reacties

Alles begint met een gebouw. En met een lamp, volgens mijn schoonvader. Altijd eerst een lamp meenemen, anders zie je niks tegen de tijd dat het donker wordt. Gelijk heeft ‘ie. Je hebt niks aan een gebouw als je geen hand voor ogen ziet.

Op deze plek, aan de Koningsweg (nummer 2, vandaar de naam – begrijp je wel) zijn talloze ideeën ontstaan. Plannen voor toekomsten van organisaties, instanties en instellingen – met het oog op de jeugd.  Mijn eigen toekomst werd ook in een gebouw bedacht: in een thuis. Door jarenlang aan een gezamenlijk doel te bouwen, bouw je een band op met de muren en de scheuren. Je ziet gezichtjes en beestjes in de plekken waar de verf is afgebladderd. Je hebt herinneringen aan kerstavonden, verjaardagen, blauwe knieën, zondagochtenden en die boomhut waar je in verdween. Of aan flexplekken.

Het gebouw aan de Koningsweg is straks leeg. Van daaruit ontstaan dadelijk ideeën van andere mensen, voor andere instanties, organisaties en instellingen. Of het wordt een plek waar Marsen ingepakt worden. Dat zou wel zonde zijn van de ruimte, want ik geloof niet dat men Marsen inpakt in flexplekken.

Toen ik nog in dat thuis woonde vierden mijn mama en ik kerst bij K2 destijds heette dat nog het Brabants Steunpunt Jeugdwelzijn. Het BSJ had dan speciaal voor de gelegenheid namelijk van die bakjes met knabbeldingen. Die plastic bakjes, met voor elk knabbelding een vakje in exact de juiste grootte. En  wijn, voor de volwassenen. Ik kreeg dan prik. Ze hadden een heuse Kerstman. Die kwam elk jaar, en nam elk jaar voor elk kind een cadeau mee. Exact hetzelfde cadeau, voor elk kind van dezelfde leeftijdscategorie. Maar ze hadden vooral de grootste kerstboom OOIT, met zoveel lampjes als de brandweer toeliet. Sjongejonge, wat een boel lampjes. Ik denk dat de Kerstman heel goed naar mijn schoonvader heeft geluisterd.

 

facebooktwittermail